Huwelijksvermogensrecht

Schulden kun je niet verdelen.

Schulden kunnen niet verdeeld worden. Als een gemeenschapsschuld voor meer dan de helft is betaald, ontstaat een regresvordering. Hof kan niet vaststellen of de man meer dan de helft van de gemeenschapsschulden in privé heeft voldaan.
Lees meer...

Verdeling huwelijksgoederengemeenschap. Is vordering tot overlegging bankafschriften een ‘fishing expedition’?

Ten eerste heeft de vrouw inzage verzocht in de bankafschriften van de nieuwe (nog onverdeelde en haar onbekende) rekening van de man (hierna: de rekening), teneinde duidelijkheid te verkrijgen over het verloop daarvan en over het saldo ervan op de peildatum. Ten tweede heeft de vrouw verdeling van dat saldo verlangd.
Lees meer...

Voortgezet gebruik echtelijke woning met inbegrip van de inboedel en gebruiksvergoeding echtelijke woning. Opeisbaarheid gebruiksvergoeding uitgesteld.

De rechtbank het redelijk dat de man aan de vrouw een gebruiksvergoeding betaalt, nu de man gebruik maakt van de gehele woning die mede aan de vrouw in eigendom toebehoort. De betaling van de vergoeding geschiedt pas na verkoop en levering van de echtelijke woning aan een derde.
Lees meer...

Hebben partijen overeenstemming hebben bereikt over de regeling van de gevolgen van hun echtscheiding? Haviltex.

De man is van mening dat partijen geen overeenstemming hebben bereikt over een echtscheidingsconvenant. Hij voert daartoe aan dat geen sprake van volledige overeenstemming over de gehele overeenkomst. Slechts uitgangspunten waren geformuleerd voor de te maken afspraken. Een conceptconvenant moest nog worden opgesteld.
Lees meer...

Kan wettelijke rente over een toegekende gebruiksvergoeding worden toegewezen over een vóór de datum van beschikking gelegen periode?

Het hof heeft bepaald dat de door de man verschuldigde gebruiksvergoeding moet worden vermeerderd met de wettelijke rente telkens vanaf de eerste dag van iedere maand dat de man de gebruiksvergoeding verschuldigd is en deze niet heeft voldaan. Tegen dit onderdeel in het dictum wordt volgens de Hoge Raad terecht opgekomen.
Lees meer...

Wanneer kan een gebruiksvergoeding worden gevraagd? Verschillende fasen onderscheiden.

De man stelt dat de vrouw aan hem een redelijke gebruiksvergoeding verschuldigd is, nu de vrouw ongeveer zeven jaar lang gebruik maakt van de echtelijke woning, terwijl de man is verstoken van het gebruik en genot waarop hij als deelgenoot recht heeft.
Lees meer...

Echtscheidingsconvenant aangetast op grond van art. 6:248 lid 2 BW. De vrouw wist niet wat zij prijsgaf bij afzien van pensioenverevening.

De zorgplicht die echtgenoten jegens elkaar hebben, duurt ook na de echtscheiding voort. De Wet verevening pensioenrechten na scheiding (hierna: WVP) is hiervan een uitvloeisel. Deze zorgplicht geldt temeer in een zogenaamd traditioneel huwelijk.
Lees meer...

Rechtbank stelt gebruiksvergoeding vast met ingang van de datum van inschrijving echtscheidingsbeschikking.

De vrouw heeft geen bezwaar tegen het toekennen van het voortgezet gebruik van de echtelijke woning aan de man. Zij wenst wel dat aan haar een gebruiksvergoeding wordt toegekend.
Lees meer...

Man heeft diensten verricht voor zijn schoonbroer en kreeg hiervoor klassieke auto's. Behoren deze vermogensbestanddelen tot het te verrekenen vermogen? Huwelijkse voorwaarden.

De man heeft het gerechtshof verzocht de beschikking van de rechtbank Midden-Nederland, locatie Lelystad van 11 maart 2015 te vernietigen en opnieuw rechtdoende (primair) te bepalen dat de klassieke automobielen buiten de verrekening van de huwelijkse voorwaarden blijven.
Lees meer...

Is een overbruggingskrediet aangegaan ten behoeve van de normale bedrijfsuitoefening van die vennootschap (art. 1:88 lid 5 BW)?

Eiser heeft op 20 mei 2011 een borgtochtovereenkomst getekend, waarin hij zich borg stelt tot een bedrag van ten hoogste € 270.000,--, tot zekerheid voor de voldoening van alles wat de onderneming aan ING schuldig is of zal worden. Deze overeenkomst is niet medeondertekend door de echtgenote van eiser. Over de ondertekening door de echtgenote van [eiser] en de zekerheidsverstrekking ter zake van de verplichtingen uit borgtocht hebben eiser en ING gecorrespondeerd. Dit heeft niet geleid tot medeondertekening door de echtgenote van eiser. Evenmin heeft eiser zekerheid verstrekt.
Lees meer...

Laesio enormis. Partij komt geen beroep toe op dwaling als bedoeld in artikel 3:196 BW.

De man heeft in eerste aanleg een beroep gedaan op de dwalingsregeling neergelegd in artikel 196 Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek en voorts op (de beperkende werking van) de redelijkheid en billijkheid. In eerstgenoemd wetsartikel is in lid 2 een rechtsvermoeden van dwaling opgenomen, indien benadeling voor meer dan een vierde gedeelte is bewezen.
Lees meer...

Verdeling huwelijksgemeenschap. Ontnemingsvordering wegens invoer cocaïne niet verknocht.

Op grond van de stukken is komen vast te staan dat de man bij arrest van het gerechtshof Amsterdam van 12 oktober 2006 is veroordeeld wegens de invoer van cocaïne in Nederland over de periode van 1 maart 2003 tot en met 29 maart 2003. Uit het arrest van het gerechtshof Amsterdam van 1 juli 2011 blijkt dat in hoger beroep het door de man aan de Staat te betalen geldbedrag ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel op een bedrag van € 31.909,-- is gesteld. De vrouw beroept zich primair op artikel 1:94 lid 3 BW. Op grond van deze bepaling vallen goederen en schulden die aan een der echtgenoten op enigerlei bijzondere wijze zijn verknocht, slechts in de gemeenschap voor zover die verknochtheid zich hiertegen niet verzet.
Lees meer...

Eenvoudige gemeenschap van woning. Voor welk deel hebben partijen recht op de opbrengst na verkoop en wie betaalt de kosten?

Ten aanzien van de voormalige echtelijke woning is sprake van een eenvoudige gemeenschap op de voet van artikel 3:166 BW. Vaststaat dat de eigendom van de op 16 september 2013 aan een derde geleverde woning voor drie/vijfde deel berustte bij de vrouw en voor twee/vijfde deel bij de man. Er is discussie over de vraag hoe de verkoopopbrengst van de woning en de kosten van de verkoop tussen partijen moet worden verdeeld.
Lees meer...

Wanneer is toestemming van de andere echtgenoot vereist in het kader van een borgtocht? Toepassing van het bepaalde in artikel 1:88 lid 5 BW (Soetelieve/Stienstra-Fieten)

Stellende dat haar op grond van art. 1:88 lid 1, aanhef en onder c BW, vereiste toestemming ontbreekt, heeft Fieten vernietiging gevorderd van de borgstelling door haar echtgenoot in privé ten behoeve van Soetelieve gedaan, althans een verklaring voor recht dat deze rechtshandeling nietig is.
Lees meer...

Dient afrekening van huishoudkosten jaarlijks plaats te vinden na afloop van ieder kalenderjaar of kan dat ook aan het einde van het huwelijk? Rechtsverwerking (Ter Kuile/Kofman)

Partijen zijn in 1955 met elkaar gehuwd. In de tussen hen geldende huwelijksvoorwaarden is onder meer bepaald dat de vrouw het vrije genot heeft van haar inkomsten en dat de de kosten van de huishouding, de opvoeding van de uit het huwelijk geboren kinderen en alle verdere uit het huwelijk voortvloeiende kosten door de man zullen worden gedragen. De vrouw werkte voor de BV van de man van de man en zij heeft daarvoor nimmer salaris ontvangen. Op deze wijze heeft zij indirect bijgedragen in de kosten van de huishouding en vraagt nu verrekening over een reeks van jaren.
Lees meer...

Valt een herbelegging van een verknocht goed automatisch in het eigen vermogen van een echtgenoot?

Partijen zijn op 24 juni 1977 met elkaar gehuwd onder het maken van huwelijkse voorwaarden die uitsluiting van iedere gemeenschap van goederen inhouden. Deze voorwaarden bepalen voorts dat bij ontbinding van het huwelijk partijen afrekenen alsof zij in gemeenschap van goederen zijn gehuwd. Aan de vrouw is in 1975 een ongeval overkomen. In verband daarmee is aan haar een schadevergoeding uitgekeerd, in totaal tot een bedrag van ƒ 300.000,--. De vrouw heeft van dit bedrag tijdens het huwelijk een perceel grond gekocht, waarop later de voormalige echtelijke woning is gebouwd. De vrouw heeft zich op het standpunt gesteld dat het vermelde perceel grond buiten het vermelde verrekenbeding dient te blijven.
Lees meer...

Huwelijksvermogensrecht. Moet de rechter ook uitgaan van het Haviltexcriterium indien er een groot gewicht toekomt aan de taalkundige betekenis van een overeenkomst?

Het gerechtshof heeft overwogen dat het Haviltexcriterium hier geen uitkomst biedt, nu partijen op de tekst van de overeenkomst haaks op elkaar staande bedoelingen en verwachtingen baseren en geen van beider interpretaties aanstonds volstrekt onaannemelijk is. Vervolgens leidt het hof de betekenis van de desbetreffende passage af uit de tekst van de overeenkomst. De Hoge Raad oordeelt echter anders.
Lees meer...

Toepassing aanvullende werking redelijkheid en billijkheid bij huwelijkse voorwaarden (Melkquotum)

Partijen zijn op 6 mei 1977 met elkaar gehuwd. De akte van huwelijkse voorwaarden van 5 mei 1977 bepaalt dat tussen partijen geen enkele vermogensgemeenschap zal bestaan. De door de vrouw aangebrachte weilanden zijn gelegen in Oosterwolde en grenzen aan de weilanden van de man. De man heeft deze grond van de vrouw tijdens het huwelijk in gebruik gehad; voor dit gebruik heeft de vrouw van de man geen vergoeding ontvangen. In het kader van de Beschikking superheffing 1985 is aan de man een heffingvrij melkquotum toegekend dat ook zag op de grond van de vrouw.
Lees meer...

Vergoedingsrecht investering in de woning van de andere partner. Niet voldoen aan stelplicht.

Blijkens de akte van huwelijkse voorwaarden was tussen partijen elke gemeenschap van goederen uitgesloten. De voormalige echtelijke woning, is eigendom van de man. Niet is weersproken dat er een ingrijpende verbouwing ten behoeve van de (middelste verdieping van de drive-in) woning heeft plaatsgevonden in 2010, zodat op de vraag naar (de hoogte van) het gestelde vergoedingsrecht van de vrouw conform rechtspraak van vóór 1 januari 2012, de datum van inwerkingtreding van de huidige artikelen 1:87 en 1:95 van het Burgerlijk Wetboek, de nominale leer van toepassing is. Tussen partijen is ook niet in geschil dat de vrouw een vergoedingsrecht heeft vanwege haar bijdrage uit privé-vermogen ten behoeve van (de verbouwing van) het woonhuis van de man, partijen twisten echter over de hoogte daarvan.
Lees meer...

Heeft de vrouw op grond van de redelijkheid en billijkheid recht op een deel van de waardestijging van het bedrijf van de man als zij daar voor niets gewerkt heeft en het bedrijf in waarde is gestegen? Koude uitsluiting. (Hilversumse horeca)

Stellende dat haar arbeid in het bedrijf heeft geleid tot een vermogenstoename aan de zijde van de man en dat de man haar naar redelijkheid en billijkheid alsnog een vergoeding ten bedrage van ƒ 85.000,– verschuldigd is, heeft de vrouw in rechte betaling van dat bedrag gevorderd nadat het huwelijk van partijen door echtscheiding was ontbonden. De man heeft de gestelde vermogenstoename ontkend en ook overigens de vordering betwist.
Lees meer...

Wat te doen als niet duidelijk is wat de omvang is van een verrekenvordering op grond van een niet uitgevoerd periodiek verrekenbeding?

Nu de vrouw stelt op grond van het niet uitgevoerde verrekenbeding in de huwelijkse voorwaarden een vordering op de man te hebben, ligt het op haar weg aan te geven wat in haar visie de peildatum is voor de samenstelling en de omvang van het te verrekenen vermogen en hoeveel haar verrekenvordering bedraagt.
Lees meer...

Kan het bepaalde in artikel 1:81 BW (getrouwheid, hulp, bijstand en elkander het nodige verschaffen) basis zijn voor vermogensoverdracht na het huwelijk? (Bloemendaalse horeca)

Man en vrouw waren sedert 9 juni 1970 met uitsluiting van iedere gemeenschap van goederen gehuwd (koude uitsluiting). De man had een aantal horecabedrijven (o.a. in Bloemendaal). De vrouw had geen eigen vermogen meer. De man wilde in 1983 scheiden en vorderde echtscheiding. Daarop vorderde de vrouw in deze procedure in reconventie een deel van de horecabedrijven van de man op grond van art. 1:81 BW.
Lees meer...

Geen belasting afgedragen door de vrouw voor door haar ontvangen bedragen in het kader van voorlopige voorzieningen. Wie betaalt de belastingschuld? (Verknochte belastingschuld?)

Het geschil tussen partijen of de onderhavige belasting- en premieschulden moeten worden aangemerkt als gemeenschapsschulden dan wel als privé-schulden van de vrouw, heeft betrekking op de verdeling van de tussen hen bestaande gemeenschap. Dit brengt mee dat het niet gaat om de vraag op welk(e) vermogen(s) die schulden verhaalbaar zijn, maar enkel om de vraag of die schulden door beide echtgenoten dan wel uitsluitend door de vrouw moeten worden gedragen.
Lees meer...

Vrouw is - in dit specifieke geval - niet gehouden de helft van de schuld en de kosten van de echtelijke woning die partijen gezamenlijk toebehoort te voldoen.

De achtste grief van de vrouw en de zevende grief van de man zien op de beslissing van de rechtbank dat de vrouw over de periode van 3 juli 2013 tot het moment van inschrijving van de echtscheidingsbeschikking, ofwel 26 november 2014, de helft van de te betalen hypotheekrente en de helft van de eigenaarslasten OZB, alsmede het volledige gebruikersdeel OZB aan de man dient te vergoeden. Het gerechtshof acht de door de vrouw geformuleerde grief gegrond.
Lees meer...

Is een invaliditeitspensioen verknocht in de zin van het bepaalde in artikel 1:94 lid 3 BW?

Partijen zijn op 30 september 1955 gehuwd in algehele gemeenschap van goederen. De man was ambtenaar. Per 1 oktober 1978 is de man wegens invaliditeit ontslagen en kreeg hij recht op een invaliditeitspensioen. Het huwelijk is ontbonden op 12 februari 1981.
Lees meer...

Heeft de man recht op een vergoeding van werkzaamheden die hij aan het huis van de vrouw heeft verricht (Baartman/Huijbers)

Partijen zijn van 1969 tot 1980 met elkaar gehuwd geweest met uitsluiting van iedere gemeenschap. In 1971 heeft de vrouw voor ƒ 5.000,– een huis in eigendom verkregen. Na reparaties en verbouwingen, waaraan de man zijn werkkracht heeft gegeven, is het pand aanzienlijk in waarde gestegen. De man wil voor zijn inzet een vergoeding nu het huwelijk op de klippen is gelopen.
Lees meer...

Partijen hebben huwelijkse voorwaarden (koude uitsluiting). Natuurlijke verbintenis? Beoordelingsmaatstaf. (Le Miralda)

Partijen, die tevoren een aantal jaren hadden samengewoond, zijn in 1967 gehuwd. Bij hun toen tot stand gekomen huwelijkse voorwaarden hebben zij elke gemeenschap van goederen uitgesloten. Gedurende hun huwelijk zijn een aantal woningen gekocht — deels na verkoop van de vorige woning —, die op naam van de vrouw zijn gezet, maar grotendeels zijn betaald met geld van de man. Daaronder bevindt zich het appartement Le Miralda, door de man in februari 1990 ter beschikking van de vrouw gesteld.
Lees meer...

Is verkrijging door een middellijk vertegenwoordiger mogelijk bij onroerende zaken? (Modehuis Nolly)

Partijen waren gehuwd op huwelijkse voorwaarden (uitsluiting van iedere gemeenschap). De vrouw had Modehuis Nolly ingebracht. Van de opbrengsten leefden partijen en hun kinderen. Het geld van het modehuis werd door de man belegd in onroerende goederen aan de Slotlaan 280 en 282 te Zeist. Deze onroerende zaken kwamen op de balans van het modehuis. De man meent dat hij eigenaar is van de onroerende zaken aangezien de onroerende zaken op zijn naam zijn aangekocht. De vrouw stelt (in de inleidende dagvaarding), dat de man als lasthebber van de vrouw op zich heeft genomen een aantal beleggingen in onroerend goed te verzorgen en dat hij in deze kwaliteit voor haar rekening maar op eigen naam een aantal panden heeft gekocht.
Lees meer...

Moeten huwelijkse voorwaarden alsook een eventuele voorovereenkomst tot huwelijkse voorwaarden op grond van het bepaalde in de artikelen 6:226 BW jo 1:115 BW bij notariële akte worden aangegaan op straffe van nietigheid? (Zweedse vrouw)

In deze kernuitspraak heeft de vrouw aandrongen op een huwelijk in verband met het bemachtigen van een verblijfsvergunning. Ook wilde zij een winkel openen in Nederland en ging het haar niet om het geld. Partijen zijn mondeling overeengekomen dat de vrouw later zou meewerken aan het opstellen van huwelijkse voorwaarden. Dat heeft zij niet gedaan. De man meent dat de vrouw misbruik heeft gemaakt van zijn vertrouwen.
Lees meer...

Kunnen huwelijkse voorwaarden worden vernietigd wegens dwaling? Afwijking van artikel 150 Rv. (Zeeuwse notaris).

De vrouw heeft aan haar vermelde vordering ten grondslag gelegd dat de man haar heeft bewogen tot de opheffing van de huwelijksgemeenschap door huwelijkse voorwaarden overeen te komen, zonder haar te informeren over de inhoud en gevolgen van de (akte van) huwelijkse voorwaarden en dat zij de akte heeft ondertekend omdat zij blind vertrouwde op [eiser] en op zijn integriteit (zowel in zijn hoedanigheid van echtgenoot als in die van kandidaat-notaris en toekomstig notaris). Voorts stelde zij dat zij voorafgaand aan 18 april 1986 niet door de man is geïnformeerd over de inhoud en gevolgen van de huwelijkse voorwaarden, noch een conceptakte heeft ontvangen; evenmin heeft de notaris haar, ten tijde van het passeren van de akte, geïnformeerd over de inhoud en gevolgen van de akte van huwelijkse voorwaarden.
Lees meer...

Valt een door een partij ontvangen ontslagvergoeding in de gemeenschap van goederen of is de vergoeding verknocht?

De man heeft een forse ontslagvergoeding ontvangen die hij heeft ondergebracht in een stamrecht BV ter vervanging van gederfde en/of te derven inkomsten. Partijen strijden over de vraag of de ontslagvergoeding valt in de gemeenschap van goederen.
Lees meer...

Verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap en verknochtheid. Schade wegens verlies aan arbeidsvermogen in de toekomst kan, naast het smartengeld, verknocht zijn.

Tussen partijen is in geschil of het bevoorschot bedrag van € 52.000,- respectievelijk de einduitkering van € 121.000,- in de gemeenschap van goederen van partijen is gevallen of dat er sprake is van een zodanige verknochtheid (in de zin van artikel 1:94 lid 3 Burgerlijk Wetboek (BW)) dat de voormelde uitkering niet in de huwelijksgemeenschap is gevallen.
Lees meer...

Vermogensvermeerdering en huwelijkse voorwaarden. Onder vermeerdering van de vermogens valt niet een vermogensvermindering.

Tussen partijen is in geschil de uitleg van (een deel van) artikel 7 van de huwelijkse voorwaarden. In dat verband dient te worden beoordeeld of de in artikel 7, tweede lid, opgenomen verplichting tot delen van de vermeerdering van beider vermogens die tijdens het huwelijk (of tot het tijdstip van scheiding van tafel en bed) heeft plaatsgevonden aldus moet worden opgevat dat daartoe ook een verplichting bestaat indien de vermogensvermeerdering negatief is.
Lees meer...

Niemand behoeft in een onverdeelde boedel te blijven. Geen gronden aanwezig om gedurende een periode van drie jaar het woonhuis niet te verkopen.

De man verzoekt de voormalige echtelijke woning voor een periode van drie jaar onverdeeld te laten. De taxatiewaarde van de woning bedraagt op dit moment € 300.000,- terwijl de hoogte van de hypotheek € 415.000,- bedraagt. De verwachting is dat de waarde van de woning in 2016 zal stijgen in verband met het realiseren van het [XXX] nabij de echtelijke woning. De vrouw wijst op een beleggingsdepot dat op dit moment een waarde heeft van € 146.096,55. Er valt na verkoop dus geld te verdelen.
Lees meer...

Uitleg inkomensbegrip huwelijkse voorwaarden. Komen dividenduitkeringen voor verrekening in aanmerking? Grievenstelsel.

In de huwelijkse voorwaarden zijn partijen onder artikel 4 overeengekomen dat onder inkomen wordt verstaan het belastbaar inkomen als bedoeld in de Wet op de Inkomstenbelasting 1964. De rechtbank heeft echter vastgesteld dat winst uit onderneming niet onder het verrekenbeding valt. Tegen dit oordeel zijn geen grieven gericht.
Lees meer...

Bij de echtscheidingsbeschikking zijn partijen bevolen om over te gaan tot verdeling van hun gemeenschap van goederen ten overstaan van de notaris. Partijen wenden zich echter niet tot de notaris. Niet-ontvankelijk.

De vrouw stelt dat het traject bij de notaris zinloos is, omdat partijen er niet uit kunnen komen. De man moet namelijk bij de notaris ook inzicht geven in de schulden en de saldi en dat doet hij niet. De notaris is geen mediator.
Lees meer...

Verdeling gemeenschap van goederen, benadeling. De man dient aan de vrouw een vergoeding te betalen in verband met benadeling van de gemeenschap.

De man heeft over het saldo op de spaarrekening beschikt en nu vaststaat dat het tot de gemeenschap behorende spaartegoed in de periode gelegen tussen voornoemde data met afgerond € 27.000,- is afgenomen, ligt het in beginsel op de weg van de man hierover deugdelijk verantwoording af te leggen.
Lees meer...

Moet de vastgestelde overbedelingssom nu of bij verkoop van de woning worden voldaan? Hof bewandelt middenweg.

Tussen partijen is in geschil of de vrouw gehouden is om de man het bedrag van de reeds overeengekomen overbedeling nu te betalen of dat dit mag worden betaald door verrekening met haar aandeel in de eerst na verkoop te realiseren overwaarde van de voormalige echtelijke woning.
Lees meer...

Maakt het uit of een vordering wordt gekwalificeerd als vordering tot verdeling van een overgeslagen goed ex. art. 3:179 lid 2 BW of als een vordering tot verdeling van een gemeenschappelijk goed ex. art. 3:178 BW? Verjaring.

De vrouw heeft gevorderd, voor zover in cassatie van belang, dat de man wordt veroordeeld tot betaling van het haar toekomende aandeel van de reeds uitgekeerde pensioenbedragen en van de toekomstige, maandelijks aan de man uit te keren, pensioenbedragen telkens nadat deze aan hem zijn uitgekeerd. Ter onderbouwing van haar vordering heeft de vrouw gesteld dat de door de man tijdens het huwelijk van partijen opgebouwde pensioenrechten in de gemeenschap van goederen zijn gevallen en derhalve tussen partijen moeten worden verrekend.
Lees meer...

Welke waarderingsgrondslag bij afwikkeling huwelijkse voorwaarden?

Het antwoord op de vraag voor welke waarderingsmethode moet worden gekozen, ook indien het gaat om in het kader van een onderneming gebruikte onroerende zaken, afhangt van de omstandigheden van het geval.
Lees meer...

Welk vermogen behoort tot het te verrekenen vermogen. Vrouw heeft overgespaard inkomen voor een bedrag van € 360.000 verkeerd belegd.

Geen rechtsgrond dat de vrouw de helft van de vervlogen belegging alsnog aan de man moet voldoen. Er is geen beroep gedaan op het bepaalde in artikel 1:139 BW.
Lees meer...

Wie krijgt de voormalig echtelijke huurwoning? Belangenafweging.

Ter beoordeling van het hof is de vraag aan wie van partijen het huurrecht van de woning dient te worden toegewezen. Daarbij dienen de belangen die partijen elk hebben bij het huurrecht van de woning tegen elkaar te worden afgewogen.
Lees meer...

Verdeling eenvoudige gemeenschap. Algemene dwalingsregeling niet van toepassing

Het gerechtshof heeft in deze zaak het bepaalde in artikel 3:199 BW over het hoofd gezien. De algemene dwalingsregeling is niet van toepassing op een verdeling.
Lees meer...

Verknochtheid letselschade-uitkering. Geld is gestort op een en/of rekening. Uitkering niet meer te identificeren.

Niet alleen de aanspraak op een letselschade-uitkering kan verknocht zijn maar ook de uitkering zelf. In dit geval werd echter het bedrag gestort op een en/of rekening die werd gevoed door beide partijen. Dat gold ook voor de Alex beleggingsrekening waarop het geld werd doorgestort. Conclusie: geen verknochtheid.
Lees meer...

Verdelen van een lijfrentepolis. Pas op fiscale valkuil!

Verdeling lijfrentepolis. Heeft deelgenoot recht op splitsing in plaats van toedeling met uitkering van overwaarde in verband met fiscale consequenties?
Lees meer...

Uitkeringsfraude levert geen verknochte schuld op.

Verdeling gemeenschap. (Fraude) schuld aan UWV niet aan man verknocht.
Lees meer...

Verdeling. Waarde onderneming gelijk aan de boekwaarde. Vrouw niet in nadeliger situatie omdat de man niet heeft gegriefd tegen waardering door de rechtbank.

Het gerechtshof stelt de waarde van een VOF vast op de boekwaarde (of intrinsieke waarde) na advies van een deskundige. Lees meer...

Is een ter zitting van de rechtbank gedaan aanbod tot verdeling onherroepelijk?

Is ter zitting van de rechtbank overeenstemming over de verdeling bereikt? Zonder voorbehoud gedaan aanbod. Spijtoptant?
Lees meer...

Van welke waarde wordt uitgegaan bij verdeling van een MGE woning?

Verdeling boedel na echtscheiding. Tegen welke waarde dient de woning aan de man te worden toebedeeld, nu er een terugkoopregeling met de woningbouwvereniging is overeengekomen?
Lees meer...

Kan een vordering tot verrekenen op grond van de redelijkheid en billijkheid tot nihil worden gereduceerd?

Partijen zijn gehuwd op huwelijkse voorwaarden met een periodiek verrekenbeding. Dit is niet nageleefd tijdens het huwelijk. De vrouw heeft zich op het standpunt gesteld dat het uitvoeren van het verrekenbeding de ondergang van het bedrijf betekent. Vordering tot verrekening wordt afgewezen.
Lees meer...

Moeten de lasten van de koopwoning naar evenredigheid worden verdeeld?

In deze uitspraak komt een veel voorkomend probleem aan de orde. Wie betaalt de kosten van de voormalig echtelijke woning en voor welk deel.
Lees meer...

Geregistreerd partnerschap om overdrachtsbelasting te omzeilen. Fraus legis!

Geregistreerd partnerschap voor de duur van één dag. Beroep op vrijstelling voor de heffing van overdrachtsbelasting van verdeling van de tot de gemeenschap van goederen behorende onroerende zaken. Wetsontduiking. Fraus legis.
Lees meer...

Waarderingsgrondslag eenmanszaak. Latente fiscale claims meenemen? Vermenging van privévermogen.

Partijen strijden over de waarderingsgrondslag van een eenmanszaak (intrinsieke waarde of economische waarde). Verder vindt de man dat rekening moet worden gehouden met latente belastingschulden en is er privévermogen van de vrouw op een gezamenlijke rekening gekomen.
Lees meer...

Beleggingsleer en verrekening waarde aandelen b.v.

Huwelijksvermogensrecht. Echtscheiding. Periodiek verrekenbeding. Art. 1:141 lid 3 BW; bewijsvermoeden. Verwerping beroep man op “tenzij”-clausule.
Lees meer...

Vrouw houdt opzettelijk echtscheiding tegen. Aandelen Philips vallen niet in de gemeenschap van goederen.

Het huwelijk van partijen is op 11 juni 2011 door echtscheiding ontbonden. Aan de orde is de vraag tot welke datum de aandelen en opties Philips nog in de huwelijksgemeenschap zijn gevallen.
Lees meer...

Partijen zijn gehuwd op huwelijkse voorwaarden. Kan de vrouw de woning terugnemen op grond van artikel 61 lid 4 Fw.

Er wordt veel gedacht dat het opstellen van huwelijkse voorwaarden een zekere waarborg biedt in het geval dat het faillissement wordt uitgesproken van een van de echtgenoten. Dit is zeker niet altijd het geval. Nogmaals de angel van artikel 61 Faillissementswet.
Lees meer...

Op 12 april 2011 heeft de Eerste Kamer de Wet Aanpassing Wettelijke Gemeenschap van Goederen aangenomen

Dit wetsvoorstel moderniseert het huwelijksvermogensrecht. De meest ingrijpende aanpassing is over te gaan tot een beperktere gemeenschap van goederen.
Lees meer...

Tossen om Jack Russell

Onder huwelijkse voorwaarden gehuwde partijen hebben twee Jack Russells. Na scheiding vordert man afgifte van beide honden. De voorzieningenrechter acht het alleszins redelijk dat ieder van partijen de zorg over één van de honden krijgt. Partijen hebben daarmee ter zitting ook ingestemd. Vervolgens heeft de voorzieningenrechter overwogen het bezwaarlijk te achten bij vonnis een keuze tussen beide honden te moeten maken. Desgevraagd hebben partijen ingestemd dit door het lot te laten beslissen. Daartoe heeft de voorzieningenrechter een munt opgegooid. De uitkomst daarvan was dat de vrouw Milo zou behouden en de man Herman zou verkrijgen.
Lees meer...

Kredietcrisis heeft geen invloed op nakoming van echtscheidingsconvenant

Nakoming echtscheidingsconvenant, overmacht, dwaling, onvoorziene omstandigheden en de beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid.
Lees meer...

Vaststellingsovereenkomst vernietigd voor benadeling van meer dan een kwart

Partijen hebben afspraken gemaakt over de afwikkeling van huwelijkse voorwaarden in een vaststellingsovereenkomst. Onder omstandigheden kan ook een vaststellingsovereenkomst vernietigd worden voor benadeling van meer dan een kwart.
Lees meer...

Voorschot afwikkeling huwelijkse voorwaarden nog tijdens huwelijk toegewezen

De vrouw stelt dat de man na de ontbinding van het huwelijk uit hoofde van de verreken-verplichting zoals die is bepaald in artikel 7 lid 3 van de tussen partijen geldende huwelijkse voorwaarden, onder meer een bedrag van € 68.067,= aan haar dient te betalen. Als grondslag voor haar vordering in dit kort geding stelt de vrouw, samengevat, dat zij spoedeisend belang heeft bij haar vordering omdat de man haar het reizen met de bij haar in gebruik zijnde (aan haar fysieke handicap aangepaste) auto onmogelijk heeft gemaakt door deze auto weg te halen en te verkopen. De man heeft hierover tevoren niet geïnformeerd. Door het handelen van de man is zij genoodzaakt een ander aangepast vervoermiddel aan te schaffen.

Lees meer...

Geen taak voor de rechter als partijen het eens zijn over de verdeling van de boedel

Uit het verzoekschrift in eerste aanleg blijkt dat partijen – volgens de vrouw ten onrechte – het eens waren over de verdeling van hun ontbonden huwelijksgemeenschap. Om die reden had hun verzoek in eerste aanleg tot verdeling niet kunnen worden toegewezen, aangezien er geen geschil meer omtrent de verdeling bestond.
Lees meer...

Geeft gezamenlijk aangegane hypothecaire lening, waarop niet is afgelost, man aanspraak op helft overwaarde van door vrouw in privé verkregen woning?

Kern van het geschil is of de man aanspraak kan maken op een deel van de waarde van de aandelen die tot het privé-vermogen van de vrouw behoren, alsmede op de helft van de netto-opbrengst van de voormalige echtelijke woning die aan de vrouw in eigendom toehoorde terwijl de hypothecaire geldlening (waarvoor uitsluitend rente werd betaald en geen aflossing) op naam van de beide partijen stond. Het hof heeft beide vragen ontkennend beantwoord.
Lees meer...

Hulp bij verdelingszaken en afwikkeling van huwelijkse voorwaarden

Effectief verdelen of het afwikkelen van huwelijkse voorwaarden bij scheiding is vaak een probleem. Verschillende redenen liggen hieraan ten grondslag. De belangrijkste reden is dat er onvoldoende informatie beschikbaar is in de procedure om de rechter te laten beslissen waardoor de uitspraak te lang op zich laat wachten.
Lees meer...

Welk huwelijksvermogensrecht is van toepassing? Afspraken van partijen zonder tussenkomst notaris.

De man stelt zich op het standpunt dat de rechtbank ten onrechte heeft overwogen dat Nederlands recht van toepassing is op het huwelijksvermogensregime van partijen. Hij stelt dat partijen een rechtskeuze voor Oekraïense huwelijksvermogensrecht hebben gedaan en verwijst daarvoor naar de tussen partijen gesloten overeenkomst van 18 april 2004. De man betoogt dat gekeken moet worden naar wat partijen bewogen heeft om die overeenkomst aan te gaan. De beweegredenen van partijen waren, volgens de man, onder meer gelegen in de omstandigheid dat partijen in de Oekraïne gingen trouwen, waar geen gemeenschap van goederen bestaat, als gevolg waarvan het huwelijk voor de man, die 17 jaar ouder is dan de vrouw en die in tegenstelling tot de vrouw vermogen had, geen vermogensrechtelijke risico’s met zich meebracht.
Lees meer...

SRK verzekerden hebben in een aantal gevallen recht op inschakeling van een mediator op kosten van de verzekeraar

SRK verzekerden doen er goed aan hun polisvoorwaarden goed door te nemen indien zij een echtscheiding wensen. In een aantal gevallen kunnen zij een mediator die lid is van de vFAS inschakelen die als mediator kan optreden. Als familierechtspecialist sta ik u gaarne bij op deze basis.
Lees meer...

Zijn belastingschulden verknochte schulden in de zin van art. 1:94 lid 3 BW?

Aansprakelijkheid op grond van artikel 1:102 BW voor een belastingschuld kan geldend worden gemaakt door aansprakelijkstelling ex art. 49 IW 1990, met procedure voor belastingrechter. Belastingschulden van een echtgenoot zijn niet aan die echtgenoot verknocht in de zin van art. 1:94 lid 3 BW.
Lees meer...

Niet uitgevoerd verrekenbeding. Indirect belang in dochtervennootschap van andere dochtervennootschap van B.V. van een der echtgenoten niet zelfstandig tot vermogen van die echtgenoot te rekenen.

Een ingewikkelde titel maar de kern komt hierop neer. Indien een partij aandeelhouder is van een holding en de holding de aandelen houdt van een werkmaatschappij moet bij de verrekening uitsluitend gekeken worden naar de waarde van de aandelen die de partij zelf houdt (holding). De waarde van de werkmaatschappij mag niet zelfstandig tot het vermogen van de echtgenoot gerekend worden. Dat is m.i. ook logisch aangezien dit vermogen toebehoort aan de holding. Het vermogen van de werkmaatschappij beïnvloedt de waarde van de holding en zo kan men toch tot een juiste verrekening komen.
Lees meer...

Geen afwijking huwelijkse voorwaarden. Koude uitsluiting.

De uit het huwelijk voortvloeiende vermogensrechtelijke verhouding tussen partijen is aan te merken als "koude uitsluiting". Gelet op de inhoud van artikel 1 van de huwelijkse voorwaarden bestaat tussen hen geen enkele gemeenschap van goederen. Ook zijn zij geen verrekeningsplicht overeengekomen. De man wenst primair wijziging van de huwelijkse voorwaarden met terugwerkende kracht in die zin dat daarvan zal deel uitmaken - kort gezegd - een finaal verrekenbeding. Hij heeft bij het aangaan van de huwelijkse voorwaarden nimmer voor ogen gehad dat deze niet alleen werking zouden hebben jegens derden, maar ook tussen partijen onderling, meer in het bijzonder bij scheiding.
Lees meer...

Kunnen huwelijkse voorwaarden aan de beslaglegger worden tegengeworpen indien de huwelijkse voorwaarden niet zijn ingeschreven in het huwelijksgoederenregister?

Vast staat dat de huwelijkse voorwaarden niet in het openbaar huwelijksgoederenregister zijn ingeschreven en dat [X B.V.] op het moment van beslaglegging van die voorwaarden onkundig was. [X B.V.] neemt om die reden tot uitgangspunt dat zij ervan mocht uitgaan dat de auto ten tijde van de beslaglegging in een huwelijkse gemeenschap viel, aangezien [appellante] en [V] op dat moment gehuwd waren. Dat uitgangspunt is volgens het gerechtshof Leeuwarden juist.
Lees meer...

Dient de in de verrekenperiode aan de man toekomende, maar feitelijk nog niet aan hem uitgekeerde winstaandelen in de maatschap, in de verrekening te worden betrokken?

De man heeft de winst die hij nog niet heeft opgenomen in zijn belastingaangifte voor de inkomstenbelasting vermeld. De vrouw stelt dat, gezien de tekst van de huwelijkse voorwaarden, de nog niet opgenomen winst dient te worden verrekend. De man stelt dat het gerechtshof ten onrechte de vraag of sprake is van uitkeerbare winst heeft overgeslagen en zich onmiddellijk begeven in de vraag of verrekening van die winst kan worden bewerkstelligd tussen de (voormalige) echtgenoten zonder de onderneming in gevaar te brengen.
Lees meer...

Kan de vrouw om verdeling van de gemeenschap van goederen vragen indien zij reeds eerder afstand heeft gedaan van de gemeenschap?

Het hof is in deze zaak gebleken dat de vrouw op grond van artikel 1:103 BW op 26 mei 2009 afstand heeft gedaan van de huwelijksgoederengemeenschap. Dientengevolge heeft de man de gehele gemeenschap verkregen. Nu de vrouw afstand heeft gedaan zal het hof haar verzoek tot verdeling afwijzen.
Lees meer...

Vernietiging huwelijkse voorwaarden in verband met misbruik van omstandigheden

De man heeft op het moment van ondertekening van de huwelijkse voorwaarden last van traumatische jeugdervaringen, waarvoor een levenslange hulpverlening is vereist; daarnaast heeft hij ADHD en dyslexie. Uit de aantekeningen uit het dossier van een behandelaar van de man blijkt dat de man even voor ondertekening van de akte van huwelijkse voorwaarden al enige tijd moe was en leed aan een sombere stemming. De man had toen ook contact met een nieuwe psychiater.
Lees meer...

Is het enkele feit dat de man alle hypotheeklasten voor zijn rekening heeft genomen voldoende om af te wijken van de huwelijkse voorwaarden?

De man wenst een verrekening van de overwaarde van de echtelijke woning die eigendom is van de vrouw, met de stelling dat het onderling overeenstemmend gedrag van partijen tijdens het huwelijk afweek van de huwelijkse voorwaarden.
Lees meer...

Verjaring; ontbinding gemeenschap van goederen; hoofdelijke aansprakelijkheid van voormalige deelgenoot in de gemeenschap voor de helft van een schuld van de andere deelgenoot.

Het gaat in deze zaak om een vordering van het UWV tegen een deelgenoot van een ontbonden gemeenschap van goederen. De vordering is ontstaan door zwartwerken van de andere deelgenoot. In de tweede zin van artikel 1:102 BW is erin voorzien, dat die andere ex-echtgenoot met de ene ex-echtgenoot hoofdelijk verbonden raakt voor de helft van de gemeenschapsschuld van de ene ex-echtgenoot. Wanneer verjaart deze vordering?
Lees meer...

Amsterdams verrekenbeding en voorhuwelijks vermogen

Moet de tijdens het huwelijk opgetreden waardestijging van de voormalige echtelijke woning, die de man reeds enige jaren vóór het huwelijk in onbezwaarde eigendom had verworven, in de verrekening worden betrokken in het geval dat deze waardestijging mede valt toe te schrijven aan een verbouwing staande huwelijk die is gefinancierd met een hypothecaire lening waarvoor beide partijen zich hoofdelijk aansprakelijk stelden en in verband waarmee een kapitaalverzekering is afgesloten waarvoor staande huwelijk premiebetalingen zijn verricht, terwijl voorts hypotheekrente werd voldaan?
Lees meer...

Gemeenschap van goederen. Letselschade-uitkering, verknochtheid en bewijs

Een letselschade-uitkering kan verknocht zijn (zie voor smartengeld en toekomstige schade voor verlies aan arbeidsvermogen HR 24 oktober 1997, NJ 1998, 693). Het niet voldoen aan de stelplicht en bewijslast is een belangrijke verklaring voor de uiteenlopende uitspraken op dit gebied.
Lees meer...

Gemeenschap van goederen. Tijdens het huwelijk gaat de man zonder medeweten van de vrouw een schuld aan voor betaling van gokschuld. Verknocht?

De bank verhaald een openstaande schuld van € 25.000,00 op beide echtelieden. De vrouw stelt dat de schuld aan de man verknocht is, nu die buiten haar medeweten is aangegaan met gebruikmaking van een valse handtekening ter delging van een gokschuld. In hoeverre is de vrouw aansprakelijk?
Lees meer...

In een periodiek verrekenbeding is opgenomen dat "netto inkomsten uit arbeid" verrekend moeten worden. Vallen hier eveneens de ondernemingswinsten onder?

De man is DGA van een kwekerij. Uitleg van de akte van huwelijkse voorwaarden waarin niet is opgenomen dat ondernemingswinsten onder inkomsten worden begrepen.
Lees meer...

Wanneer kan een overeengekomen verdeling worden vernietigd wegens dwaling op grond van art. 3:196 BW?

De vrouw is kort voorafgaande aan het opstellen van een echtscheidingsconvenant opgenomen geweest in een psychiatrische inrichting. Zij tekent een overeenkomst waarbij zij afstand doet van de waarde van aandelen van een B.V. die in de huwelijksgoederengemeenschap vielen.
Lees meer...

Wat is het moment van verdeling?

Volgens artikel 3:200 BW vervalt een rechtsvordering tot vernietiging van een verdeling door verloop van drie jaar na de verdeling. Kijken we naar het tijdstip van de overeenkomst of de notariële verdelingsakte?
Lees meer...

Onder welke omstandigheden verbeurt een deelgenoot zijn aandeel in een goed op grond van artikel 3:194 lid 2 BW?

De man heeft in eerste aanleg aangevoerd dat er geen zwart geld was op een buitenlandse bankrekening. Later blijkt dat er wel zwart geld was. De man verbeurt het hele bedrag aan de vrouw.
Lees meer...

Dient een vermogensvermindering in acht te worden genomen bij een niet uitgevoerd periodiek verrekenbeding?

Partijen hebben niet verrekend. Het aanvangsvermogen van de man was € 135.254 en zijn eindvermogen was € 300.959. De vrouw had een beginvermogen van € 119.663 en een eindvermogen van € 21.239.
Lees meer...